Ingezonden stuk:
Het is weer zover. Vrijdag, de Rodermarktkermis. In de nacht cq. de vroege ochtend van zaterdag, de jeugd lallend en brallend op weg naar huis. Ach, het fatsoen is door de herrie van de kermis en andere geneugten verloren gegaan, dus zoeken of we het terug kunnen vinden op weg naar huis. Uit frustratie en baldadigheid flikkeren we de DIXIE maar op zijn kant. Ach, wat maakt het uit, het is maar van een ander. En mama vraagt s'ochtens thuis, hebben jullie het leuk gehad? Ja hoor mam, we hebben ons netjes gedragen. We hebben ook een DIXIE omver gegooid. Goh jongen/meid, dat vond DIXIE zeker niet zo leuk. nou de volgende keer niet weer doen hoor. Nee mam, wij zullen het niet meer doen, maar het is maar een DIXIE hoor mam. Nou vooruit dan, beloof me dat je het niet weer doet, dan mag je vanavond ook weer gaan stappen. Maar beloof me laat DIXIE met rust want die kan zich niet verweren.