Tegen een 32-jarige man uit Emmen eiste het Openbaar Ministerie (OM) vanmiddag 120 uur werkstraf voor het plegen van ontucht met een zwakbegaafde vrouw. Daarbij eiste het OM ook 180 dagen voorwaardelijke celstraf en een behandeling voor de man.

Ook de Emmenaar is verstandelijk beperkt. Hij had een relatie met de vrouw, die in een instelling in Peize woont. Hijzelf kan wel zelfstandig wonen. Nadat de man de relatie begin 2018 telefonisch beëindigde, besloot hij 14 januari dat jaar naar de vrouw toe te gaan, omdat hij het wel zo netjes vond om elkaar nog een keer te zien.

'Verkrachting niet bewezen'
Ze aten samen, keken een film en hadden daarna seks. Volgens de man wees niks erop dat zijn ex-vriendin dat niet wilde. Toch deed één van haar begeleiders een paar dagen later aangifte. Het meisje had achteraf verteld dat ze geen seks gewild had.

De man moest voor de rechter verschijnen omdat het OM hem verdacht van verkrachting. Maar tijdens de rechtszaak vroeg de officier van justitie daar vrijspraak van, omdat daarvoor te weinig bewijs is. Wel vindt ze dat de man had moeten weten dat een zwakbegaafde vrouw zelf niet in staat was om aan te geven wat ze wilde. Daarom vond ze ontucht, oftewel, seksueel misbruik, wel bewezen.

Verstandelijk beperkt
Maar volgens de man kwam het initiatief die avond juist van zijn ex-vriendin. De officier van justitie hield in haar eis ook rekening met de beperking van de Emmenaar. Zijn advocaat vroeg vrijspraak, omdat hij volgens haar juist vanwege zijn eigen verstandelijke beperking niet kon inschatten dat de vrouw niet in staat was om te zeggen wat ze wel of niet wilde.

Uitspraak: 23 juli.
Tekst/bron RTV Drenthe