Noordenveld - Parkeren vormt een vast onderdeel van ieder ruimtelijk besluit. Parkeernormen zijn in de gemeentelijke Bouwverordening opgenomen en bij het verlenen van een omgevingsvergunning wordt hiermee rekening gehouden.

Ten gevolge van de inwerkingtreding van de Reparatiewet Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) op 29 november 2014 is bepaald dat stedenbouwkundige voorschriften, zoals parkeernormen, niet langer in de Bouwverordening mogen worden opgenomen. In de praktijk betekent dit dat bij het verlenen van een omgevingsvergunning geen regels ten aanzien van parkeren kunnen worden gesteld.

Hierdoor moeten de gewenste parkeereisen op een andere wijze worden geborgd. Een regeling in het bestemmingsplan ligt het meest voor de hand. Bestemmingsplannen van na 29 november 2014 zijn inmiddels voorzien van een regeling omtrent parkeren. Voor de plannen die voor deze datum zijn vastgesteld, geldt een overgangstermijn tot 1 juli 2018. Indien na deze datum voor deze bestemmingsplannen niets is geregeld bestaat de kans dat er geen parkeernormen aan een omgevingsvergunning verbonden kunnen worden. Met name bij de wat grotere projecten kan dit tot problemen leiden.

Om deze reden is een facetbestemmingsplan opgesteld. Dit is een bestemmingsplan dat een specifiek onderwerp regelt en dat voor de bestemmingsplannen in het plangebied van toepassing is. In het voorliggende ontwerpbestemmingsplan Parkeren Noordenveld zijn de gemeentelijke parkeernormen opgenomen. Het facetbestemmingsplan regelt deze doorwerking voor de reeds vastgestelde bestemmingsplannen van voor 29 november 2014.

Het plangebied van dit bestemmingsplan omvat het gehele grondgebied van de gemeente Noordenveld. Hiervan zijn de bestemmingsplannen van na 28 november 2014 uitgezonderd.
In het bestemmingsplan is een dynamische verwijzing naar het Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan (GVVP) gemaakt. Hierbij is aangesloten op de bepalingen die in de Bouwverordening waren opgenomen. Ook laden en lossen maakt onderdeel uit van dit facetbestemmingsplan. Daarnaast is voor specifieke gevallen een afwijkingsbevoegdheid opgenomen.

Het bestemmingsplan maakt geen ontwikkelingen mogelijk en leidt dus niet tot kosten. Hierdoor is de economische uitvoerbaarheid gewaarborgd en is het niet nodig een exploitatieplan op te stellen. Tot slot kan nog worden gemeld dat in het facetbestemmingsplan er geen sprake is van enig water- dan wel provinciaal belang.
Door het laten doorwerken van deze parkeerbepalingen in alle geldende bestemmingsplannen van voor 29 november 2014, is het wegvallen van de parkeerregels door de wetswijziging, hersteld.

Het bestemmingsplan kan in procedure worden gebracht.