NOORDENVELD - Wellicht hebt u via de media gehoord dat er weer acties komen in het primair onderwijs. Graag geven wij u meer informatie over de aanleiding voor deze acties. Zoals u in de laatste twee nieuwsbrieven heeft kunnen lezen, gaan wij staken als het niet tot een akkoord komt over een structurele verlaging van de werkdruk en een verhoging van het salaris. Helaas is er geen akkoord gesloten en gaat de school op 12 december dicht.

Leraren, schoolleiders en schoolbestuurders in het primair onderwijs zijn teleurgesteld over het nieuwe regeerakkoord. Het nieuwe kabinet investeert weliswaar in het primair onderwijs, maar die investeringen zijn niet hoog genoeg en komen veel te laat. De uitgelekte 500 miljoen voor het verlagen van werkdruk, bleek in het regeerakkoord terug gebracht te zijn tot 430 miljoen, waarbij in 2018 slechts 10 miljoen is gereserveerd voor terugdringing van de werkdruk. Het kabinet wil pas vanaf 2021 voldoende in de werkdruk investeren. Tegen die tijd zullen er echter al bijna 5000 full time banen tekort zijn in het primair onderwijs, hetgeen betekent dat er steeds vaker groepen zonder leerkracht zullen zijn.

Met Prinsjesdag werd ook bekend dat er 270 miljoen euro beschikbaar komt voor het moderniseren van de arbeidsvoorwaarden, terwijl het PO-front heeft berekend dat er 900 miljoen nodig is om een eerste goede stap te zetten om de salarissen van de leraren gelijk te trekken met het salaris van docenten in het voortgezet onderwijs. Voorlopig lijkt het bij 270 miljoen te blijven en dat is niet voldoende om in de toekomst genoeg goede leraren te blijven trekken om het onderwijs voor uw kinderen op peil te houden.

Daarnaast heeft het kabinet ook een bezuiniging op onderwijs aangekondigd. Vanaf 2021 gaat het voor het primair onderwijs jaarlijks om 61 miljoen euro. Wij waren hier onaangenaam door verrast. De minister heeft aangegeven dat hij deze bezuiniging zo min mogelijk wil laten neerslaan op het onderwijs in de klas. Het is echter de vraag waar het geld dan vandaan moet komen. Het primair onderwijs heeft de afgelopen jaren bezuiniging op bezuiniging gestapeld zien worden, met tekorten tot gevolg. Iedere bezuiniging zal onherroepelijk gevoeld worden in de school.

De organisaties die samenwerken in het PO-front hebben op 7 november een gesprek gevoerd met de nieuwe minister van Onderwijs, Arie Slob. De samenwerkende onderwijsorganisaties hebben daarbij een ultimatumbrief voor nieuwe acties overhandigd aan de minister. Ze verwachten uiterlijk in de week van 5 december een antwoord van minister Slob op de vraag hoe het kabinet 1,4 miljard euro vrijspeelt om het salaris in het primair onderwijs te verhogen en de werkdruk te verlagen. Zo niet, dan volgt er op 12 december opnieuw een landelijke staking.

Iedere werknemer in Nederland heeft op basis van het stakingsrecht het recht om het werk neer te leggen. Meestal protesteren werknemers dan tegen hun werkgever. Het is in Nederland vrij uniek dat werkgevers en werknemers samen optrekken bij acties. In het primair onderwijs gebeurt dat nu wel, omdat de nood nog steeds hoog is. De actiegroep van leraren PO in Actie, de vakbonden en de sectororganisatie PO-Raad werken hierbij samen onder de naam PO-front.

Wij zien dat onze leerkrachten grote loyaliteit hebben richting de leerlingen. Wij begrijpen ook dat de acties voor het verlagen van de werkdruk en verhogen van de salarissen broodnodig zijn om het beroep van leerkracht voor zittende en toekomstige leraren aantrekkelijker te maken. Vandaar dat wij begrip hebben voor onze leerkrachten, mochten zij besluiten nogmaals te gaan staken. Wij hopen dat voor u als ouders hetzelfde geldt. Het gaat ons echt om de toekomst van uw en onze kinderen.